De Volksknar, sinds 2005

De eerste nummers maart/april 2005 zien eruit als kladjes, maar in de loop van maanden begint er vorm in te komen. De aanleiding voor de start van de Volksknar was mijn gedachte dat oud-collega’s elkaar alleen tegenkomen op afscheidsbijeenkomsten en begrafenissen. Te weinig vond ik, we hebben een te lang verleden met elkaar om zomaar te vergeten.

De sleutel vond ik in een serie cartoons die ik jaren geleden in werktijd, als er even niks te doen was, had getekend van mijn collega’s, met de balpen op kopijpapier. Mooie gelegenheid om die eens te laten zien en er een quiz aan vast te knopen: wie herkent wie?

 

Allengs schreef ik er verhaaltjes aan vast over de bedoelde collega’s.

In november 2005 kreeg ik Han van Gessel aan de telefoon. ‘Je hebt iets moois in je handen’, riep hij. ‘Ik wil het er met je over hebben.’ Van toen af ontstond er een intensieve samenwerking tussen hem en mij. We vulden elkaar aan: hij als de denker en bedenker van allerlei series en onderwerpen, ik als de doener, de uitvoerder, die zich steeds meer ging verdiepen in de opmaak van de Volksknar. Vriend en vormgever Kees Reniers (die ook deze website maakt) hielp mij aan het professionele en peperdure programma Indesign voor de vormgeving.

Foto Guus Dubbelman

Jacques de Jong samen met Han van Gessel

Han van Gessel bedacht onder andere de serie Broeinest, waarin oud-collega’s beschrijven hoe zij in de jaren zeventig en tachtig – toen de Volkskrant naar een hoogtepunt toe groeide –  de journalistiek bedreven. In sommige opzichten zouden we ons daarvoor nu diep schamen, maar het waren mooie tijden. Hij bedacht ook de serie Jonge Aanplant, waarin nieuwe redacteuren van de echte Volkskrant zich konden introduceren. Doel: de band behouden met de redactie.

Han overleed in juli 2013. Dat was echt een verlies.

 

Maar er dienden zich medewerkers aan: Maurits Schmidt, dertien jaar bij de Volkskrant, later naar Het Parool, Adriaan de Boer, die jarenlang met Han had gewerkt bij Cicero, de boekenbijlage, Peter van den Berg, Joris Cammelbeeck, Jan van Capel. Zo konden we verder.

Vanaf het begin is de Volksknar altijd gratis verspreid. Maar naarmate we beter werden, namen ook de kosten toe, zodat we na enkele jaren besloten een kleine bijdrage te vragen, een tientje per jaar, voor 26 nummers. Het aantal abonnees was in de tussentijd tot rond de driehonderd gegroeid – een derde leverde een financiële bijdrage en daar konden we het goed van doen. We kwamen tot de onwaarschijnlijke frequentie van eens per veertien dagen. Bij het verminderen van het aanbod (we hadden bijna iedereen al beschreven) besloten we in 2018 om ’eens per keer’ te verschijnen, als het zo uitkwam.